
Heeft je kind steunzolen gekregen? Dan is niet alleen de steunzool zelf belangrijk. Ook de schoen waarin je de steunzool draagt, speelt een grote rol. Je kan een perfect aangemeten steunzool hebben, maar wanneer je die in een te slappe of slecht passende schoen legt, krijgt de steunzool niet het stevige fundament dat ze nodig heeft.
Een goede schoen voor steunzolen moet daarom in de eerste plaats een goede kinderschoen zijn. Daarnaast moet er natuurlijk voldoende plaats zijn om de steunzool correct in de schoen te leggen.
Waar moet je precies op letten? We leggen het graag uit.
Bij jonge kinderen zijn de voeten nog volop in ontwikkeling. Platvoetjes zijn bij peuters en jonge kleuters heel normaal en hoeven op zich geen reden te zijn om steunzolen te dragen. Onder de leeftijd van ongeveer vijf jaar worden steunzolen dan ook zelden aangeraden. Bij jonge kinderen krijgen de voeten bij voorkeur de kans om zich zo natuurlijk mogelijk te ontwikkelen.
Zijn er pijnklachten, opvallende problemen met het stappen of andere specifieke klachten? Dan kan een arts, podoloog of andere specialist uiteraard beoordelen of verder onderzoek of een behandeling nodig is.
Dan wordt de keuze van de juiste schoen extra belangrijk. Een steunzool heeft een goed fundament nodig. Een steunzool en een schoen werken samen. Vergelijk het gerust met het bouwen van een huis: zonder goed fundament kan de rest zijn werk niet optimaal doen. Hetzelfde geldt voor een steunzool. Stop je een steunzool in een schoen die in alle richtingen plooit of onvoldoende steun biedt aan de hiel, dan heeft de steunzool zelf geen stabiele basis. Daarom heeft het weinig zin om te investeren in goede steunzolen en vervolgens voor een te slappe of ongeschikte schoen te kiezen.
Een schoen voor steunzolen moet dus eerst en vooral voldoen aan de eigenschappen die we vanaf deze leeftijd van een goede kinderschoen verwachten.
Er zijn een aantal zaken die je eenvoudig zelf kan controleren.
1. De zool moet plooien aan de voorvoet
Tijdens het stappen moet de voet mooi kunnen afrollen. Daarom hoort de schoen te plooien waar de voet zelf buigt: aan de voorvoet, ter hoogte van de tenen.
2. De zool mag niet plooien in het midden
Neem de schoen aan de hiel en aan de neus vast en probeer hem te plooien. Een goede schoen zal aan de voorvoet meegeven, maar blijft in het midden voldoende stevig. Kan je de schoen zonder moeite dubbelvouwen in het midden? Dan biedt hij onvoldoende stevigheid als basis voor de steunzool.
3. Je mag de schoen niet kunnen 'uitwringen'
Probeer de voor- en achterkant van de schoen eens in tegengestelde richting te draaien. Een geschikte schoen biedt hier weerstand. Kan je hem gemakkelijk uitwringen als een vaatdoek? Dan is de schoen te slap.
4. De hiel moet stevig zijn
Ook rond de hiel heeft een schoen voor steunzolen voldoende stevigheid nodig. Duw eens op de hielcontour van de schoen. Die mag niet zomaar volledig inzakken. Zo krijgt de voet, samen met de steunzool, een stabiele basis in de schoen.
Naast stevigheid is er nog een heel praktische vereiste: de originele binnenzool van de schoen moet uitneembaar zijn. De steunzool komt namelijk in de plaats van de bestaande binnenzool.
Leg je een steunzool zomaar boven op de originele binnenzool, dan komt de voet hoger in de schoen te zitten. Daardoor kan de schoen plots te krap worden en kan de hiel minder mooi in de schoen zitten. Haal de originele binnenzool er dus uit en plaats de steunzool op die plaats.
Is er voldoende ruimte voor de steunzool?
Dat een binnenzool uitneembaar is, betekent nog niet automatisch dat iedere steunzool in iedere schoen past. Een steunzool neemt plaats in en kan afhankelijk van het type behoorlijk wat volume hebben. De schoen moet daarom voldoende ruimte hebben in de lengte, breedte én hoogte.
Let vooral op deze punten:
Vooral de ruimte aan de wreef wordt soms vergeten. Een dikkere steunzool brengt de voet wat hoger in de schoen. Een model dat zonder steunzool perfect zit, kan daardoor mét steunzool plots te laag of te strak zijn.
Een schoen die je goed rond de voet kan aanpassen, heeft een groot voordeel wanneer je kind steunzolen draagt. Met veters of velcro kan je de schoen mooi laten aansluiten rond de voet en wreef. Dat is extra handig omdat de hoeveelheid ruimte die een steunzool inneemt van zool tot zool kan verschillen. De voet moet stevig in de schoen blijven zitten, zonder dat de sluiting knelt.
Dit is misschien wel de belangrijkste misvatting. Een schoen heeft een uitneembare binnenzool? Prima, maar dat alleen maakt hem nog geen goede schoen voor steunzolen.
Controleer altijd het volledige plaatje:
Pas wanneer die elementen samen goed zitten, heb je een geschikte combinatie van schoen en steunzool.
Heeft je kind steunzolen? Neem ze dan altijd mee wanneer je nieuwe schoenen gaat passen. Een schoen die zonder steunzool perfect past, kan mét steunzool heel anders aanvoelen. Door de steunzolen meteen in de schoenen te plaatsen, kan je controleren of er voldoende plaats is en of de voet nog mooi in de schoen zit. Let daarbij niet alleen op de schoenmaat. Twee schoenen met dezelfde maat kunnen binnenin een heel ander volume, een andere breedte of een andere hoogte aan de wreef hebben.
Bij Hippeschoentjes selecteren we schoenen die geschikt zijn om met steunzolen te dragen. Deze modellen combineren de nodige stevigheid met een uitneembare binnenzool en voldoende ruimte binnenin. Zo hoef je niet te kiezen tussen een goede kinderschoen, ruimte voor de steunzolen én een paar dat je kind graag draagt.
Want een goede steunzool verdient een goede schoen eromheen.
Schrijf je in op de Hippeschoentjes nieuwsbrief en ontvang de leukste promoties en acties in je mailbox